Monumentenbeleid: wel Raadsbesluiten maar geen uitvoering
“H¿½ monumentenman”, zo werd ik laatst nageroepen. Volledig onterecht natuurlijk, maar op dit moment bijna op te vatten als een geuzennaam in onze gemeente. Een beetje navragen, neuzen, spitten en graven blijkt al voldoende te zijn om bestuurlijk onvermogen, besluiteloosheid en misschien zelfs wel angst voor verantwoordelijkheid bloot te leggen. Stevig volhouden in de controlerende taak van de raad (burgerlid in dit geval) blijkt meer impact te hebben dan ooit voor mogelijk werd gehouden.

Hoewel de voltallige raad in het verleden heeft besloten tot het instellen van een monumentenverordening (2004), een gemeentelijke monumentenlijst (2004), een erfgoedverordening, het benoemen tot beschermd dorpsgezicht van delen van Aarle en de Vleut (2007) is er tot op heden behalve het besluiten z¿½lf, nog niets gebeurt. Of t¿½ch, de molen is opgeknapt en wordt binnenkort maalvaardig af- en opgeleverd en de tijd zal ons leren of dit niet een erg hoge prijs was voor een molen en een kroeg (?!).
Deze uit 1850 stammende molen valt qua zeldzaamheid in het niet bij de ontdekking die door Ir. Toebast (specialist landelijke bouwkunst) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed werd gedaan bij een boerderij aan de Oirschotseweg. Vooralsnog blijkt uit onderzoek dat de stal in de boerderij stamt uit 1261. Wij hebben contact gezocht met Mevr. Toebast; “Onderzoek heeft uitgewezen dat er tot nu toe geen voorbeeld van een constructie met deze ouderdom is gevonden in Nederland (en mogelijk daarbuiten). Er zijn wel enkele voorbeelden uit de 14de eeuw bekend. Deze vroege datering is dus zowel voor de archeologie als voor de bouwhistorie erg interessant. Als deze datering klopt is het dus een zeldzame vondst. Vooralsnog moeten we nog even wachten op de second opninion van een andere dendroloog. Deze zal, volgens de laatste berichten, in juni plaatsvinden.”
Aangezien de vondst al ruim een jaar bekend is “in het gemeentehuis” is het onbegrijpelijk dat het pand “vanwege andere prioriteiten” niet is voorgedragen voor de gemeentelijke monumentenlijst met bijbehorende voorbescherming.
Het lijkt ons op z’n minst verdedigbaar als het pand tot aan de definitieve bekendmaking van de authentieke bouwdatum nog even het voordeel van de twijfel krijgt, en in dat licht bezien zijn de opmerkingen over sloop-, (her)bouw- en conservering nog niet aan de orde. Kortom; we moeten de dialoog met de eigenaar in stand houden om s¿½men te bezien wat de beste ‘oplossing’ zou kunnen zijn. Als we in korte tijd 7 miljoen uitgeven aan de reconstructie van een weg, ruim 5 miljoen aan upgraden van een sportpark, anderhalf miljoen aan de molen en een half miljoen aan het steunen van de b¿½uwers van starterswoningen dan is een financi¿½le bijdrage aan ons eigen erfgoed (mocht dat noodzakelijk zijn) ons inziens prima te verantwoorden.
“We zijn intern bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed aan het beraden wat we voor deze boerderij kunnen betekenen als ook de tweede boringen dezelfde datering geven” aldus ir. Toebast. Dus ook van d¿½e kant wordt de vondst zeer serieus behandeld. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft hierover contact met de monumentenambtenaar van de gemeente, en w¿½j houden op onze beurt weer ¿½ op de hoogte.

Leon Kennis, Best Open
Commissie Ruimte en Wonen
leon.kennis@best-open.nl
Geplaatst op 20 Jun 2011 door Best Open
Content Management Powered by CuteNews